De eerste dip

Vorige week was het stil op Sportista. Heel erg stil. Ik zat namelijk in een dipje en had besloten hier pas over te schrijven op het moment dat ik alles weer helder en nuchter kon bekijken en beschrijven. Welnu, vandaag op mijn 37e verjaardag, is dat moment daar. Nu ga ik jullie eens haarfijn uitleggen hoe ik vorige week in die dip verzandde en wat ik daarvan geleerd heb. Dus even opletten allemaal.

De misère begon met een ontstoken oog. En wat doe je als je iets mankeert? Dan ga je googelen. Op de website stond dat een ontstoken oog vanzelf kan overgaan en aangezien ik niet zo’n fan van medicijnen ben, besloot ik het nog een dag aan te kijken (met één oog dan…). Ondertussen werd mijn oog roder en roder en kwam de pusproductie goed op gang. De volgende ochtend kreeg ik mijn oog niet meer open, dus besloot ik toch maar even langs de dokter te gaan. Ze gaf me een tubetje antibioticumzalf mee. Vier keer per dag een centimetertje zal in het ooggootje. Dat hielp.

Ik liet me niet zomaar uit het veld slaan. Ik ging toch fietsen met dat ontstoken oog. En dat viel niet eens tegen.

De echte tegenvaller kwam een paar dagen later toen mijn oogwit weer helder was, maar de huid om mijn oog hartstikke rood was geworden en gigantisch jeukte. Het leek alsof ik in elkaar was gebeukt door een wielerhater. Weer terug naar de dokter: allergische reactie op het antibioticumzalfje, waarschijnlijk door het wolvet dat daarin zit.

Oké, ik schreef net dat ik me niet zomaar uit het veld liet slaan. Maar dit was even too much voor mijn wiebelige mentale gesteldheid. In een van mijn vorige blogs zei ik nog heel stoer: ‘Het is maar net hoe zielig je jezelf vindt’. Nou, ik voelde me hartstikke zielig. En niet alleen door die infectie en de allergische reactie. Er was namelijk nog meer gebeurd deze week.

We gingen naar Hopmans! Ik schrijf die zin uit gewoonte met een uitroepteken, want Hopmans (fietsgigant in Bergen op Zoom) is voor mij een happy place. Was voor mij een happy place, moet ik nu zeggen, want ik ben nog nooit zo gedesillusioneerd daar weer vertrokken als vorige week. De vrouwenafdeling hing vol met prachtige wielerkleding van Alé, Castelli en Sportful, maar mij paste niets. Ik paste niet in XL. De Italianen vinden blijkbaar dat ‘normale’ (ja, tussen aanhalingstekens) tot stevige Nederlandse vrouwen van 1.77 meter niet op een racefiets thuishoren. Even had ik nog de hoop dat ik mezelf in een M aan het proppen was en dat er per ongeluk een verkeerd label in genaaid was. Maar dat was niet het geval. Maat M hing er ook: een heel smal shirt dat ik zelfs niet zal passen als ik vel-over-been ben. Want pas dan mag ik fietsen van de Italianen, maar dat kan ik dan waarschijnlijk niet meer.

Ik paste overigens wel in een zachtgeel wappershirt en een lila jack met roze bloemetjes van andere merken, maar die hoefde ik niet. Dan kan ik net zo goed even langs de Aldi gaan.

Enfin, drie tegenvallers deze week. Maar dat hoort er ook bij. Ik heb hierdoor één training gemist, maar heb het daarna gewoon weer opgepakt. Want de ontsteking, allergische reactie en het minderwaardigheidscomplex gaan uiteindelijk allemaal weer over, de een wat sneller dan de ander. Wat ook helpt is elk uur ‘vooral doorgaan’ tegen jezelf zeggen met het bijbehorende Berry Stevens-accent. Het is grappig en het is stiekem misschien wel de beste strijdkreet voor iedereen die van Italiaans design houdt.

 

 

1 Comment

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *